zondag 16 september 2007

Minister Vogelaar is niet dom


Er wordt wel gezegd: minister Vogelaar is dom. Men verwijst dan naar haar suggestie dat we misschien nog eens zullen spreken van een Joods-Christelijk-Islamitische samenleving zoals er ook wel gesproken wordt van een Joods-Christelijke samenleving. Critici werpen haar tegen dat er niet zoiets bestaat als een Joods-Christelijke traditie. De woordcombinatie zou na de tweede wereldoorlog zijn ontstaan als “goedmakertje” voor wat de Joden was aangedaan. Er zou inhoudelijk te weinig verwantschap bestaan tussen de twee tradities om ze met elkaar te verbinden.

Naar mijn idee valt hierover te twisten. Ik snap de reserves van de critici maar ontkom niet aan de gedachte dat, religieus gezien, het oud-testamentische Jodendom twee kinderen gebaard heeft: het rabbijnse Jodendom en het Christendom. Het kan niet anders of daar zit verwantschap tussen.

Maar deze discussie is niet zo relevant in relatie tot Vogelaars uitspraken. Zo bedoelde zij het niet. Zij had het volgens mij niet over de religieuze inhoud maar deed een feitelijke constatering op seculier gebied. Zoals een Trouw-lezer het formuleerde: de minister stelt dat mensen met verschillende achtergronden in de toekomst weer een samenleving zullen vormen, zoals dat vroeger ook al eens gebeurde.

En daarin kan ze gewoon gelijk hebben, mits we tijd hebben van leven en dialoog.

dinsdag 4 september 2007

You look sensational


Een mens hecht eraan dat anderen zijn grenzen respecteren. En dat niet alleen fysiek, in die zin dat zijn lichaam niet geschonden wordt. Hij wil ook niet gekwetst worden door het gedrag of de woorden van anderen. Het opmerkelijke van de kwetsuur die woorden aanrichten is dat de inhoud van die woorden er soms niet toe lijkt te doen. Het verdriet en de weerstand die zo’n kwetsuur oproept hebben vaak niets met de inhoud te maken.

Neem bijvoorbeeld het voorval van SP-kamerlid Harry van Bommel op de Jordaanse ambassade. “You look sensational” zou hij tijdens een werkbezoek in JordaniĆ« gezegd hebben tegen een lokale medewerkster van de Nederlandse ambassade. De Jordaanse vrouw kon deze opmerking niet waarderen en diende een aanklacht in.

Het lijkt me sterk dat de vrouw protesteert tegen de inhoud van de opmerking. Want als ze zichzelf ook mooi vindt dan is ze het dus gewoon eens met de inhoud. En als ze zichzelf niet mooi vindt dan zal ze er geen behoefte aan hebben om dat luid en duidelijk te zeggen.

Ze protesteert dus tegen iets anders. Op basis van mijn ervaringen in de workshop Illusieonderzoek denk ik te kunnen zeggen dat de vrouw protesteert tegen het feit dat de ander met zijn gedachten teveel op haar terrein komt. In de illusieonderzoeken blijkt namelijk vaak dat een illusie lang niet altijd gelegen is in een verkeerde gedachteninhoud maar veel vaker in de aanname dat je gesprekspartner het wel met je eens zal zijn. Want, ook bij inhoudelijke overeenstemming, hoeft die er niet van gediend te zijn dat jij voor haar of hem denkt. Dat voelt immers, zegt Levinas, voor die ander als geweld. En dan verwordt de gezamenlijkheid die je met de opmerking beoogt tot de werkelijke illusie.