donderdag 12 februari 2009

Heerlijk


"Heerlijk”, al die Mariabeeldjes uit de Middeleeuwen die in de Amsterdamse bodem worden gevonden. Je komt daardoor dicht bij de gevoelens van geborgenheid die de vroegere Amsterdammers daaraan beleefd moeten hebben. En “prachtig, toch?”, die hoge bordestrappen voor de grachtenhuizen. Van daaraf kon je lekker een beetje neerkijken op het volk dat voorbij kwam.

Prachtig en heerlijk, het waren terugkerende uitroepen van de gids die ons laatst op het afdelingsuitje rondleidde in het Amsterdams Historisch Museum. Wij vonden dat op een gegeven moment een beetje raar worden.

Maar aan de andere kant herken ik het wel, de opwinding die uitgaat van het gevoel even in contact te staan met een heel ander tijdvak dan het onze. Ben ik daarom niet geschiedenis gaan studeren? Was ik niet altijd gefascineerd door het historische stadje Bergen op Zoom waar wij vlakbij woonden?

Gelukkig ben ik nu gelegitimeerd in die belangstelling door een interessant boek. Frank Ankersmit schrijft in De sublieme historische ervaring over momenten waarop je het gevoel hebt in direct contact te staan met het verleden. Hij pleit ervoor die momenten te koesteren omdat ze een tegenwicht bieden tegen het overwicht van theorie in de geschiedschrijving. Existentiële verbondenheid met het verleden hoeft niet achter te blijven bij historische objectiviteit.

Aangemoedigd door Ankersmit vermeerder ik tegenwoordig mijn historische sensaties als ik van het Centraal Station naar het werk loop en terug. Ik stel me de laatste tijd vooral voor hoe ze die hoge huizen uit de drassige bodem hebben opgetrokken. Veel hout gebruiken, behendig timmeren en woekeren met de krappe ruimte die met heipalen gewonnen werd. Bakstenen boten, dat zijn het vaak. En lang niet altijd voorzien van bordestrappen maar van kippetrappetjes of hardstenen touwladders.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten